Uden

Een hommel en een bij.

    Er liepen op de brug van Bommel,
    drie kindjes van een hommel.

    En vrolijk stapten aan hun zij, 
    drie kindjes van een bij.

    Die kleintjes moesten alle zes, 
    naar bijles en naar hommelles

 

Schoonheid moet eindig zijn

   Schoonheid moet eindig zijn
   de troost van het eindig zijn
   
   is schoonheid.

Als ik geen roos meer brengen zal.

De appelboom

Stel:
de appelboom bloeit en de wind
verstrooit duizend witte blaadjes
in de omliggende tuinen en overal

waar ze de grond raken beginnen
appelbomen te bloeien en de wind
waait en verstrooit de witte blaadjes

onophoudend tot - de wereld althans
vanuit een baan om de aarde gezien
een witte, bloeiende appelboom gelijkt.

Zou dat niet te mooi om waar te zijn?

Staatslieden

Staatslieden zijn geen architecten
maar tuinlieden


die het moeten doen
met materialen die de natuur biedt.